Wat is een werkruimte?

Om te bepalen of een ondernemer gebruik kan maken van de regeling voor de werkruimte, moet allereerst worden vastgesteld of er sprake is van een werkruimte. Als er geen werkruimte is, dan is het niet mogelijk om de kosten voor de werkruimte in aftrek te brengen, omdat de eigenwoningregeling moet worden toegepast.

In de eerste plaats moet zijn voldaan aan het zelfstandigheidscriterium. In de wetsgeschiedenis is nogal vaag vastgelegd wat precies moet worden verstaan onder een zelfstandig gedeelte. Een losse kamer in een woning, zoals een zolder of een slaapkamer, valt er in ieder geval niet onder. Het moet gaan om een ruimte die apart verhuurd zou kunnen worden, bijvoorbeeld omdat de ruimte beschikt over een eigen opgang of eigen sanitair. Er bestaan echter geen eenduidig vastgelegde regels. Of een werkruimte naar maatschappelijke opvattingen een zelfstandig deel van de woning vormt, zal in ieder geval apart moeten worden vastgesteld.

Naast de zelfstandigheidseis moet ook voldaan worden aan de inkomenseis. Er moet vanuit de werkruimte een bepaald deel van het inkomen worden verworven. Dit betekent dat:

  • Als er ook een werkruimte buiten de eigen woning is, moet meer dan 70% van het belastbaar loon in de werkruimte in de eigenwoning worden behaald.
  • Als er geen andere werkruimte is dan de werkruimte in de eigenwoning, moet meer dan 70% van het belastbaar loon in of vanuit de werkruimte worden behaald en ten minste 30% van het belastbaar loon moet worden verdiend in de werkruimte in de eigen woning.

Wat zijn de gevolgen van het hebben van een werkruimte?

Voldoet de werkruimte aan beide criteria dan valt de werkruimte niet meer onder de eigenwoningregeling. De waarde van dit gedeelte moet worden afgetrokken van de WOZ waarde van de eigen woning. Het eigenwoningforfait wordt dan alleen nog berekend over deze lagere waarde.
Alle kosten (inrichting, verf, gordijnen etc) die met de werkruimte samen hangen kunnen dan ten laste van de winst gebracht worden.